Verpersoonlijking

verpersoonlijking
Kara Walker, Emancipation, Approcimation, 5, 1999-2000
In de politiek is de verpersoonlijking een realiteit - een noodzakelijkheid - die niet te vermijden is. Want wanneer het de ideeën zijn die de wereld leiden, desnoods naar de ondergang, dan gebeurt dat toch uitsluitend via tussen -personen, vertegenwoordigers en levende symbolen. Om te bewerkstelligen dat ideeën tot een reële, faustiaanse kracht worden, is het niet alleen noodzakelijk dat ze de geest van actieve minderheden verlichten, dat ze direct of via een omweg ingang vinden bij de grote massa om die te kunnen mobiliseren of uitschakelen, het is ook altijd nog nodig dat ze een belichaming vinden. Geen historische omwenteling (...) die niet een verpersoonlijking, een levend symbool nodig heeft.
(...) In tegenstelling tot wat veel snobs beweren, vervreemdt de televisie het politieke gebeuren niet van de werkelijkheid, reduceert ze het niet tot een zuiver schouwspel. Integendeel. Ongetwijfeld verandert de televisie in de schittering van het moment de verhouding van de massa tot het fenomeen van de verpersoonlijking. Maar ze verhoogt er juist de mysterieuze werking van, maakt haar op een eigenaardige manier nog effectiever. Op korte termijn althans: (...) Want eenmaal tot gebruiksgoed geworden, raakt het lichaam van de politieke formules sneller aan slijtage onderhevig. Door de realiteit van de onmiddellijke aanwezigheid (...) betekent de televisiecommunicatie de vernietiging of aantasting van de illusie van duurzaamheid. De actualiteit wordt teruggebracht tot een verbruiksartikel: en daarbij wordt ze verbruikt.

Jorge Semprun, Federico Sanchez vous salue bien, Parijs 1993 ; Frederico Sánchez groet u, Baarn 1996, 147-148.